King Arthur: Legend of the Sword

Guy Ritchie valt meteen – en vrij letterlijk – met de deur in huis. Mordred (uitgebeeld als de incarnatie van de duivel) bestormt met reusachtige olifanten Camelot. Koning Uther Pendragon maakt met de behulp van zijn magische zwaard Excalibur een einde aan de belegering. Even later wordt hij echter verraden door zijn machtswellustige broer Vortigern (rol van Jude Law), die op de troon aast. Uther kan nog net zijn spruit Arthur in een boot zetten. Die groeit op in een bordeel en leert het leven in de achterstraten van Londinium kennen, vult op een niet al te orthodoxe manier koffers vol geld en is goed van de tongriem gesneden.

Guy Ritchie vat de jeugd van de jonge Arthur in enkele seconden samen. Als plots de steen met het zwaard Excalibur erin uit het water verschijnt, wordt druk gezocht naar degene die het zwaard uit de steen kan trekken, want hij wordt de nieuwe koning van Engeland. Uiteraard is Arthur zich van niets bewust en weet hij niet eens dat de tiran Vortigem zijn oom is. Veel doet het er uiteindelijk niet toe, want in KING ARTHUR: LEGEND OF THE SWORD zijn verhaal en karakterontwikkeling van ondergeschikt belang. Guy Ritchie dient namelijk een tongue-in-cheekversie op van de Arthurlegende.

Hij is uiteraard niet de eerste die de mythe van koning Arthur, de Ronde Tafelridders, Excalibur en Merlijn op de helling zet. Denk maar aan King Arthur, Antoine Fuqua’s herinterpretatie uit 2004. Er is zelfs een musical over gemaakt – Camelot – en ettelijke andere filmadaptaties, waarvan de meest opmerkelijke Robert Bressons Lancelot du Lac (1974) en Eric Rohmers Perceval le Gallois (1979) waren. John Boorman ondernam in 1981 een poging om Thomas Mallory’s Le Morte d’Arthur te verfilmen. Boorman maakte van Excalibur een wagneriaans drama (bij momenten ridicuul en langdradig) en legde de nadruk op de driehoeksverhouding tussen Arthur, Guinevere en Lancelot. In Ritchies totaal van de pot gerukte adaptatie komt deze verhouding niet eens aan bod. Of wordt die opgespaard voor een eventuele sequel?

Bij Ritchie ligt de nadruk op leuke montage-effecten – hij heeft nu eenmaal zijn manier om flashbacks (niet zelden zonder humor) in een paar seconden uit te beelden – en op actie. Aan de snelle opeenvolging van actietaferelen en veldslagen lijkt maar geen einde te komen. Vermoeiend soms! Temeer omdat Ritchie de neiging heeft om zijn actiescènes de ene keer de ruimte te geven die ze vragen, maar ze een paar scènes later onoverzichtelijk en onnodig lawaaierig maakt – zowel visueel als auditief. De soundtrack is vreselijk opdringerig.

Al deze elementen dragen ertoe bij dat Ritchies stijl als ‘dynamisch’ en ‘energiek’ kan worden omschreven. Je zou die zelfs als ‘sterk onderhoudend’ kunnen typeren – maar tegelijk als smakeloos, leeg, bombastisch en dom. Het is makkelijk om deze nieuwe versie (soms krijg je de indruk dat Ritchie zich door oude metal- en hardrockbands heeft laten inspireren voor de visuele aankleding) met de grond gelijk te maken. KING ARTHUR: LEGEND OF THE SWORD is bij vlagen inventief en indrukwekkend. Het totaalbeeld dat ervan rest is dat Ritchie net niet ver genoeg is gegaan in zijn geüpdatete versie van de mythe van koning Arthur en is blijven hangen tussen korte schetsen van wat het had kunnen zijn en de videoclip die het geworden is.

De vertoningen van KING ARTHUR: LEGEND OF THE SWORD vind je terug op cinenews.be.

Geschreven door PIET GOETHALS

King Arthur: Legend of the Sword

11/05/2017
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2017
Distributeur: 
20th Century Fox

Media: 

onomatopee