De storm voor de 70ste Berlinale

De eerste Berlinale met het nieuwe duo Carlo Chatrian en Mariette Rissenbeek aan het hoofd gaat van start met een valse noot. Onderzoek van de Duitse krant ‘Die Zeit’ wees uit dat de eerste directeur van het festival, Alfred Bauer, een actiever naziverleden had dan werd gedacht. De naar hem vernoemde Zilveren Beer vervalt.

Bauer leidde het festival van 1951 tot 1976. Het was al bekend dat hij had gewerkt voor de nazioverheid, maar recente research toonde aan dat Bauer nauw betrokken was bij Joseph Goebbels’ campagne om de filmindustrie te doen plooien naar de partijpropaganda. Bovendien bleek hij lid te zijn geweest van de paramilitaire Sturmabteilung. Onmiddellijk na de oorlog liet hij bewijsmateriaal verdwijnen en na zijn dood in 1986 introduceerde de Berlinale een naar hem genoemde prijs voor films die “een nieuw perspectief op de filmkunst openen”. De eerste Alfred Bauerprijs ging naar Leos Carax, voor diens Mauvais sang, en later volgden onder anderen Lucrecia Martel, Zhang Yimou en Jayro Bustamante. De laatste winnaar van de Alfred Bauerprijs was Nora Fingscheidt voor haar System Crasher, een kleurrijk drama over een meisje met agressie-aanvallen dat vanaf volgende maand in Belgische bioscopen te zien is.

Een andere laureaat, de Taiwanese meester van verstilde cinema Tsai Ming-Liang, is een van de blikvangers in de hoofdcompetitie van de zeventigste editie. De jury onder voorzitterschap van Jeremy Irons zal zich ook buigen over enkele andere bekende Aziaten: Mohammad Rasoulof, Hong Sangsoo en Rithy Panh. Die laatste komt met IRRADIATED als enige documentairemaker in aanmerking voor de Gouden Beer. Tussen de achttien geselecteerde films bevindt zich nieuw werk van Berlinalegetrouwen Philippe Garrel, Christian Petzold en Sally Potter. Uit de VS verwelkomt het festival twee vrouwelijke sterkhouders van de onafhankelijke Amerikaanse film: Eliza Hittman en Kelly Reichardt. De Nederlandse inbreng bestaat uit de coproductie met Duitsland BERLIN ALEXANDERPLATZ, een nieuwe adaptatie door Burhan Qurbani van Alfred Döblins literaire klassieker. België is aanwezig in de hoofdcompetitie met de Frans-Belgische coproductie EFFACER L'HISTORIQUE van het regisseursduo Benoît Delépine en Gustave Kervern.

Voor Belgische cineasten moeten we naar de nevensecties. De Belgische Amerikaan John Shank werd samen met zijn coregisseur Anna Falguères uitgenodigd voor de Generation 14plus-sectie met het enkel in de fotografie zonnige jeugddrama POMPEI, dat in maart al de Belgische bioscopen aandoet. Voor datzelfde festivalonderdeel reist Zoé Wittock van Sundance naar Berlijn met haar debuut JUMBO, in het gezelschap van Noémie Merlant, Emmanuelle Bercot en Sam Louwyck. Ook die film heeft in maart al een Belgische release. Een andere debutant, Paloma Sermon-Daï, presenteert zijn documentaire PETIT SAMEDI in het Forum-programma. Dat festivalluik verwelkomt ook de enige Vlaamse film in Berlijn: VICTORIA van het documentaire drietal Sofie Benoot, Liesbeth De Ceulaer en Isabelle Tollenaere. Zij filmden daarvoor in Amerika. Voor TÉLÉ RÉALITÉ (Forum Expanded) werkte de Brussels-Berlijnse Lucile Desamory dan weer samen met de Congolese filmmakers Glodie Mubikay en Gustave Fundi voor een verhaal in België, waar rondreizende televisiemakers in aanraking komen met het bovennatuurlijke.

Het festival zal Helen Mirren in de bloemetjes zetten met een ere-Gouden Beer en een selectie films uit haar carrière zoals The Queen (Stephen Frears, 2006), met de bekende koninklijke rol die haar een Oscar opleverde, maar ook Peter Greenaways The Cook, the Thief, His Wife & Her Lover (1989). In een ander retrospectief programma eert de Berlinale de Amerikaanse cineast King Vidor. Vandaag vooral bekend voor The Crowd (1928), wil het festival van Berlijn de inhoudelijke en esthetische veelzijdigheid tonen van een filmmaker die zowel in het Hollywoodsysteem aan de slag was als eigen producties uit de grond stampte.

Openen doet de Berlinale met een andere Amerikaan van wie het publieke beeld wordt bijgesteld (willens nillens in dit geval). Gebaseerd op de gelijknamige memoires van Joanna Rakoff over haar tijd bij het gereputeerde agentschap dat de teruggetrokken schrijver J.D. Salinger vertegenwoordigde, vertelt MY SALINGER YEAR van Philippe Falardeau (Monsieur Lazhar) het verhaal van een jonge vrouw die de New Yorkse wereld van de letteren leert kennen. Hoewel de auteur van The Catcher in the Rye de titel siert, komt hij zelf in het boek slechts terloops aan bod. Zijn naam en de vermoedelijke inkijk in een afgeschermd bestaan veroorzaakten deining in 2014 bij de publicatie van het boek. Wat de film daarvan maakt, valt te bekijken. Ook uitkijken is het naar de invulling die het nieuwe directeursduo geeft aan de Berlinale. Met een typografische affiche breekt het festival alvast met de posterbeelden met beren van de voorgaande jaren.

De Berlinale loopt van 20 februari tot 1 maart. Meer informatie vind je op de website van het festival.

Geschreven door BJORN GABRIELS
 
onomatopee