FILMMAGIE CINEMAGIE DOCIP CLUBS EDUCATIEFAGENDA LINKS
FILMMAGIE
ABONNEER
ADIEU
BLIK IN
BLIK VOORUIT
CONTACT
COVERSTORY
DIT = BELGISCH
DOSSIER KUBRICK
DVD
FILM VAN DE WEEK
GEWIKT
OVER
SURFTIPS

COVERSTORY -05/2006 :: OUTLAW SAM PECKINPAH GERESTAUREERD [ 25.04.2006 ]

door Ivo De Kock

“Ik hou van outsiders,” zei Sam Peckinpah, “tenzij je je conformeert, ben je steeds alleen in de wereld. Maar door toe te geven verlies je je onafhankelijkheid. Dus kies ik voor eenzaten.” Bloody Sam werd bij leven uitgespuwd maar krijgt postuum eerherstel via gerestaureerde westerns en met extra’s overladen dvd’s.

“Ze hebben je helemaal verkeerd behandeld, ze kregen je zover dat je niet meer zong” klinkt het in Kris Kristoffersons ballade Sam’s Song, “Hij was onze held, hij ving de kogel op, maar uiteindelijk zwaaide hij met z’n vuist vanaf de vloer, vraag het elke prostituee ten zuiden van de grens, Sam Peckinpah is absoluut een hombre!”
Outlaw-maverick Peckinpah, “de patron poet van de manisch depressieven” (F&TV 430), kende zijn vijanden: studiobonzen en producenten. Want die bemoeiden zich met àl zijn films, op uitzondering van Bring Me the Head of Alfredo Garcia. Deze fabel over een man die 21 mensen doodt in zijn zoektocht naar een afgehakt hoofd dat 1 miljoen waard is, beschouwde Peckinpah als zijn meest autobiografische film. Het zegt veel over de cineast en zijn relatie met Hollywood. “Wat ik al bij The Deadly Companions leerde was dat je nooit een regieopdracht mag aanvaarden zonder dat je scriptcontrole hebt,” zei Peckinpah, “later ondervond ik dat zelfs dat onvoldoende is. Een regisseur krijgt altijd af te rekenen met een wereld die krioelt van de onbenullen, klaplopers, jakhalzen en regelrechte moordenaars. Men beweert soms dat ze je wel kapot kunnen maken, maar niet kunnen verslinden. Dat is onzin. In dat milieu werd ik bijna helemaal verscheurd en opgepeuzeld.”

Toch zocht Peckinpah de confrontatie. Hij leefde in constante strijd met de wereld én zichzelf. Peckinpah was wat Octavio Paz omschreef als een pachuco; “in de vervolging verwezenlijkt hij zijn ware aard, zijn werkelijke zijn, zijn opperste naaktheid als paria, als mens die nergens bijhoort.” Hij koesterde fiasco’s. Want mislukkingen waren een vorm van verzet, succes het symbool van corruptie. De bloedige dichter van de ontgoocheling hield van “losers die winnen door te verliezen” en voerde agressieve eenzaten op die trots zijn dat ze haaks staan op hun tijd.
Wanneer Pat in PAT GARRETT AND BILLY THE KID op de veranderende tijden wijst, repliceert Billy “maar ik ben niet veranderd.” Toch leeft het tragische besef dat “er niet zoveel van ons over zijn.” Een verwijzing naar Peckinpahs eigen positie: “Outlaws en het oude Westen hebben me altijd gefascineerd, ik vermoed dat ik zelf een beetje een outlaw ben.” Voor die desperado bood de western “een universeel kader waarbinnen het mogelijk is het heden te becommentariëren.” Het genre liet Peckinpah toe de verborgen geschiedenis van de 20ste eeuw, m.n. die van het nihilisme, te schrijven via de tragedie.
Peckinpahs tragiek herinnert aan Shakespeare’s Macbeth: “Time is out of Joint”. De tijd én de wereld zijn ontwricht. Peckinpahs anti-helden beseffen dat niet zij, maar wél hun omgeving alsmaar afschuwelijker wordt. Ze stellen vast dat materialisme, cynisme en nihilisme toenemen. Tragiek ademt bij Peckinpah naast melancholie ook rebellie uit.

David Samuel Peckinpah (1926-1984) groeide op temidden de natuur als een verlegen jongeman met meer belangstelling voor poëzie dan voor het machismo van zijn vader of de religieuze overtuiging van zijn moeder. Als American West-kenner raakte hij betrokken bij TV-reeksen als Gunsmoke!, The Westerner en The Rifleman. In 1961 volgde de overstap naar film met nostalgische maar rauwe westernparels als The Deadly Companions en RIDE THE HIGH COUNTRY. Odes aan de met uitsterven bedreigde cowboys. De doorbraak kwam er met geweldopera THE WILD BUNCH, tegelijk een schitterende evocatie van de laatste dagen van het oude westen én een heldere studie van de mannelijkheidscultus en de menselijke geest. Herhaalde aanvaringen met producenten leidden echter tot verminkte films en uiteindelijk werkloosheid. Omwille van zijn individualisme, voorliefde voor outsiders en losers, affiniteit met verloren idealen en onafgebroken gevecht met de windmolens van de filmindustrie behoort Peckinpah eigenlijk tot de filmgeneratie die hem vooraf ging.

Als overgangsfiguur tussen de periode van het romantisch idealisme (jaren 50 van de 20ste eeuw) en die van het cynisch realisme (jaren 70) was Peckinpah een buitenstaander die evolueerde tot outcast. In zijn films brengt de cineast de romantische helden van weleer niet meer tot leven, hij ensceneert juist hun doodstrijd. Op barokke, krachtige en gewelddadige wijze toont hij in films als RIDE THE HIGH COUNTRY, MAJOR DUNDEE, THE WILD BUNCH, THE BALLAD OF CABLE HOGUE, JUNIOR BONNER en PAT GARRETT AND BILLY THE KID het pathetische gevecht van de westernheld tegen de tijd en de veranderende samenleving. Een strijd die gepaard gaat met aftakeling, autodestructief gedrag, een confrontatie met technologische vooruitgang en met tegenzin volbrachte opdrachten.

Peckinpah zet de stap naar de moderne tijden via het wraak- en verkrachtingsdrama STRAW DOGS en de ontluisterende neo-noir THE GETAWAY. De toon van actiefilms Bring Me the Head of Alfredo Garcia en The Killer Elite, anti-oorlogsprent Cross of Iron en spionagedrama THE OSTERMAN WEEKEND werd steeds donkerder terwijl geweld haat en paranoia uitdreef. Enkel Convoy bevatte humor. “Sam was een idealist,” stelt vriend Don Levy, “ik heb nooit een idealist gekend die geen pijn leed.” De controverse rond geweld in zijn films doofde nooit uit omdat hij door het samendrukken van opwinding en afschuw de verleiderlijke, verontrustende kracht van (on)menselijk geweld blootlegde.

Met zijn aanpak sloeg de Picasso van het geweld de brug tussen de generatie Ford (die geweld psychologisch verankert in personages) en de generatie Tarantino (die geweld choreografeert tot spektakel). Peckinpahs stijl is sensueel én visueel, emotioneel én sensorisch. Het is een stijl die personages tot leven brengt en passies doet oplaaien. “Ik bestudeer geweld omdat ik de mens bestudeer. Wanneer geweld niet gekanaliseerd of begrepen wordt, leidt het tot oorlog of waanzin.”

“Toen de grote Sam Peckinpah tijdens de jaren 60 en 70 zijn beste werk maakte keken in de filmwereld heel wat mensen naar hem op,” getuigt cineast Nicolas Roeg, “maar ze durfden zijn films niet aanprijzen omwille van de anti-Peckinpahsfeer.” Roeg illustreert dit met het verhaal van zijn buurman tijdens de eerste screening van STRAW DOGS. In de zaal reageerde de man emotioneel maar achteraf rationaliseerde hij dit tot een ‘kritisch’ oordeel. “Omdat hij zich schaamde over zijn reactie schoof hij ze weg,” stelt Roeg, “het is boeiend om te merken hoe Peckinpahs reputatie geëvolueerd is sinds zijn dood.” De dvd-release van een aantal sleutelwerken vormt ongetwijfeld een verdere stap in de rehabilitatie van de controversiële cineast.

Aangezien Peckinpah er niet meer is blijft de restauratie van zijn films problematisch, maar de herintroductie van verloren materiaal in films als MAJOR DUNDEE, THE WILD BUNCH, PAT GARRETT AND BILLY THE KID en THE OSTERMAN WEEKEND geeft ons een glimp van wat de regisseur voor ogen had. Onder impuls van producent Nick Redman en scenarist Paul Seydor werden 6 dvd’s (5 westerns plus THE GETAWAY) voorzien van tal van extra’s. Boeiende documentaires én commentaar van gereputeerde auteurs als Garner Simmons (Peckinpah: A Portrait in Montage), Paul Seydor (Peckinpah: The Western Films - A Reconsideration) en David Weddle (“If They Move... Kill ‘Em!”: The Life and Times of Sam Peckinpah).

De herontdekkingstocht begint met het magistrale RIDE THE HIGH COUNTRY. We volgen twee ouder wordende cowboys (Joel McCrea & Randolph Scott) in hun nadagen, wanneer de voorheen iconische figuren tijdens een tocht door een wild landschap worstelen met loutering en vergankelijkheid. Volgens Peckinpah gaat het “over verlossing en eenzaamheid”, de commentatoren wijzen erop dat het verhaal zich afspeelt op het moment dat de personages een anachronisme dreigen te worden en hun waarden non-waarden. Ze typeren Peckinpah via Mark Twain (“hij haatte de mensheid maar hield van mensen”) en onthullen dat Steve Judds uitspraak “Het enige wat ik wil is mijn huis gerechtvaardigd betreden” een wijsheid is die Sam overnam van zijn vader. Het metafysisch einde, waarin een dood neervallende Judd één wordt met het landschap, wordt terecht omschreven als “één van de meest poëtische eindbeelden in de filmgeschiedenis.”

Cavalerieprent MAJOR DUNDEE draait rond wraakbeluste officier Dundee (Charlton Heston) die zich vastbijt in zwervende indianen en tijdens een vernietigende odyssee zichzelf verliest. “Als je een film maakt met Peckinpah, weet je dat je een probleem hebt” zegt acteur L.Q. Jones in een doc die toelicht hoe spanningen voor, tijdens en na de opnamen er voor zorgden dat de uitgebrachtte filmversie niét die van Peckinpah was. Pijnlijk voor een cineast die stelt “mijn emoties, mijn hele leven, alles wat ik ben is op het doek te zien.” Volgens David Weddle “weigerde Peckinpah achteraf het aanbod van Columbia om zijn originele versie te reconstrueren omdat de film voor hem meer waard was als verloren meesterwerk dan als herontdekte mislukking.” M.a.w. Peckinpahs outlawstatus was ook imagobuilding. Met de toegevoegde 12 minuten blijven we ver van de oorspronkelijke versie. Toch komen de personages beter uit de verf. Peckinpah betreurde het verwijderen van “de echte, bloedige, verschrikkelijke dingen die mensen overkomen in een oorlog.” Het opruimen van lichamen na een slachtpartij is de enige opgeviste scène die daarop wijst. De “gepassioneerde, gedreven, krankzinnige kunstenaar en dichter Sam Peckinpah” (Harry Dean Stanton) vat zowel in MAJOR DUNDEE als in zijn meesterlijk epos THE WILD BUNCH via gestileerd geweld het ‘einde van de wereld’-gevoel dat heerste in de Vietnamdagen. De western liet hem toe via een allegorie het veranderende Amerika in beeld te brengen: het land zoals het was én zoals het gaat worden.

In THE WILD BUNCH gebeurt dit via een moreel maar gewaagd verhaal. In een wereld van zondaars blijken de grootste zondaars - outlaws - een menselijke kant te hebben. De commentatoren prijzen “the finest hour of Peckinpah”. Garner Simmons wijst op “thema’s als vriendschap, loyaliteit, verraad, eer, engagement, wat het betekent je woord te geven en volgens een code te leven. Het gaat niet enkel over mannen met pistolen in de schemering van het Amerikaanse westen. Het gaat over moraliteit, menselijkheid en veel meer.” Paul Seydor benadrukt dat “het gebruik van slowmotion in het finale vuurgevecht geen realisme is maar een vertragen van geweld om de dood te individualiseren, de laatste levensmomenten uit te rekken én aan te geven dat het leven belangrijk is.” Omdat de film vernietigingsdriften blootlegt (we willen dat het viertal wint) zal hij altijd controversieel blijven. THE WILD BUNCH toont echter ook de gruwelijke gevolgen van geweld. “Ik word altijd bekritiseerd voor het gebruik van geweld maar wanneer ik het achterwege laat wil niemand de film zien,” merkte Peckinpah fijntjes op, verwijzend naar het floppen van THE BALLAD OF CABLE HOGUE en JUNIOR BONNER.

Het intimistisch avontuur van rodeorijder Bonner (Steve McQueen) draait rond de vraag of je kan overleven in onafhankelijkheid, het tragikomisch liefdesverhaal van goudzoeker Hogue (Jason Robards) en prostituee Hildy (Stella Stevens) gaat volgens de cineast “over overleven en over God. Hogue heeft zijn eigen dialoog met God, houdt zich bezig met moraliteit en gaat daaraan kapot.” De pionier die water vond in de woestijn wordt overreden door een op hol geslagen auto nadat hij de man redt op wie hij zich wou wreken. Deze tragische versie van de Amerikaanse droom verraste velen. “Mensen zien vaak niet in Peckinpah-films wat er te zien is,” merkt Simmons op, “wel wat ze willen zien.” Peckinpah omschreef THE GETAWAY als “een genrefilm waaraan ik dingen toevoegde”, verwijzend naar het feit dat de pas uit de gevangenis ontslagen gangster (McQueen) meer moreel is dan de maatschappij die hij samen met zijn geliefde (Ali MacGraw) oplicht. Amerika wordt voorgesteld als wegwerpmaatschappij - een rit in de buik van een vuilniswagen geldt als louterende afdaling in de hel - waarin het moeilijk is vast te houden aan relaties.

Met PAT GARRETT AND BILLY THE KID geraakte Peckinpah snel in de problemen. “De producenten zochten een nieuwe WILD BUNCH,” aldus assistente Katy Haber, “geen lyrische parabel, geen ballade. Ze wilden i.t.t. Sam geen poëzie.” Ze brachten uiteindelijk ook niet zijn filmversie uit (zie FM 563). Deze zoveelste slechte ervaring tekende de cineast. “Peckinpah had een echt western aura,” stelt The Killer Elite-monteur Monte Hellman, “een uitstraling die een attitude werd na aanvaringen met producenten. Sam bezat de outlawspirit van zijn personages.” Die geest bleef botsen met producenten t.e.m. zijn laatste film.

THE OSTERMAN WEEKEND is (heel passend) een thriller over paranoia, de onbetrouwbaarheid van communicatietechnologie én het verschuiven van de grens tussen werkelijkheid en fictie. In een bonusdocumentaire vernemen we hoe een doodzieke Peckinpah na een catastrofale testscreening de confrontatie zocht. Probleem was een verwarrende opening waarin vervormde spiegelbeelden Lawrence Fassetts (John Hurt) gestoorde kijk op de wereld weergeven. Kijkers begrepen er niets van. Ze legden nooit de link met het filmeinde waarin alles een levensecht videospel blijkt. “U zag een gesprek tussen een moordenaar en een leugenaar en kon ze niet onderscheiden” klinkt het in de slotspeech die oproept om het TV-toestel uit te schakelen. “Je respecteerde Sams talent,” stelt Peter Davis, “maar tegelijk besefte je dat zijn werkwijze je als producent in gevaar bracht. Gezien de reactie van het publiek moesten we zijn versie veranderen.” Wat gebeurde. Gedeeltelijk gerestaureerd blijkt THE OSTERMAN WEEKEND actueler dan ooit.
Tijdens een Directors Guild-plechtigheid benadrukte Robert Culp “dat gezien de overmacht waartegen creatieve krachten moeten optornen het een mirakel is dat Sam ook maar één van zijn films heeft kunnen maken. Hij was een natuurkracht die constant diametraal tegenover het establishment stond.” Volgens Katy Haber had Sam “twee levens: films, die vormden de realiteit; het leven, dat was een illusie.” Peckinpahs onverwoestbare films houden de herinnering aan hem levend.

THE PECKINPAH COLLECTION:
RIDE THE HIGH COUNTRY; 1962; FILM: **** / EXTRA’S: *** (commentaar, documentaire); THE WILD BUNCH; 1969; FILM: **** / EXTRA’S: **** (commentaar, documentaires, verwijderde scènes); THE BALLAD OF CABLE HOGUE; 1970; FILM: **** / EXTRA’S: *** (commentaar, documentaire); PAT GARRETT AND BILLY THE KID; 1973/1988/2005; FILM: **** / EXTRA’S: **** (twee filmversies, commentaar, documentaires, liedjes Kristofferson & Fritts); THE GETAWAY; 1972; FILM: **** / EXTRA’S: *** (commentaartracks); beeldformaten 16:9; dis. Warner.

MAJOR DUNDEE:
1964; FILM: **** / EXTRA’S: **** (commentaar, documentaires, verwijderde scènes, fotogalerie); beeldformaat 16:9; dis. Sony Pictures.

SAM PECKINPAH - THE COLLECTION:
STRAW DOGS; 1971; FILM: **** / EXTRA’S: ** (documentaire, interview, foto- en postersgalerij); JUNIOR BONNER; 1972; FILM: **** / EXTRA’S: 0; THE OSTERMAN WEEKEND; 1983; FILM: **** / EXTRA’S: 0; beeldformaten 4:3 & 16:9; dis. Dutch Filmworks.

THE OSTERMAN WEEKEND S.E.:
1983; FILM: **** / EXTRA’S: **** (director’s cut, documentaire, fotogalerie); beeldformaat 4:3; dis. Dutch Filmworks.

- LEES DE VOLLEDIGE COVERSTORY IN FILMMAGIE 563

handcrafted by fluxx